ECLI:NL:GHAMS:2008:BF1775
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J. den Boer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling middeling inkomens na emigratie en toepassing overgangsregeling Wet IB 2001
Belanghebbende, geboren in 1964, emigreerde in juli 2002 naar Curaçao en oefende het keuzerecht uit om het gehele jaar 2002 binnenlands belastingplichtig te blijven. Hij verzocht om middeling van de inkomens over de jaren 2000, 2001 en 2002, maar de inspecteur wees dit verzoek af. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde bij het Gerechtshof Amsterdam.
De kern van het geschil betrof de vraag of de overgangsregeling voor middeling onder de Wet inkomstenbelasting 2001 van toepassing was. Deze regeling geldt voor belastingplichtigen die in 2003 ophielden binnenlands belastingplichtig te zijn en het keuzerecht niet konden toepassen. Omdat belanghebbende in 2002 emigreerde en het keuzerecht uitoefende, viel hij hier niet onder.
Het hof bevestigde dat middeling alleen mogelijk is over drie aaneengesloten gehele kalenderjaren en dat de overgangsregeling een uitzondering vormt voor belastingplichtigen die in 2003 ophielden binnenlands belastingplichtig te zijn. De regeling was niet bedoeld voor situaties zoals die van belanghebbende. Het hof oordeelde dat de inspecteur de wet correct had toegepast en wees het hoger beroep af.
De uitspraak werd in het openbaar op 18 september 2008 uitgesproken, waarbij geen proceskosten werden toegewezen. Belanghebbende werd gewezen op de mogelijkheid van cassatie bij de Hoge Raad binnen zes weken na verzending van het arrest.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.