ECLI:NL:GHAMS:2008:BG6787
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- M. Coeterier
- E.E. van Tuyll van Serooskerken-Röell
- J.H. Huijzer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling immuniteit van jurisdictie inzake SIS-signalering en dwangsom tegen Spanje
Appellant is sinds 1996 geregistreerd in het Schengen Informatie Systeem (SIS) op basis van een signalering door Spanje wegens verdenking van strafbare feiten gepleegd in 1993. De rechtbank Alkmaar verklaarde het handhaven van deze signalering onrechtmatig en beval verwijdering, maar Spanje is hier niet aan voldaan. Het hof bevestigde dit oordeel en bepaalde dat Spanje de signalering moest verwijderen, maar Spanje heeft dit niet uitgevoerd.
Appellant vorderde in eerste aanleg verwijdering van de signalering en betaling van een voorschot op schadevergoeding, met oplegging van een dwangsom bij niet-naleving. De voorzieningenrechter wees deze vordering af. In hoger beroep vorderde Appellant vernietiging van dit vonnis en alsnog verwijdering van de signalering met dwangsom en kostenveroordeling tegen Spanje.
Het hof oordeelt dat Spanje immuniteit van jurisdictie toekomt bij deze overheidstaak en dat artikel 111 van Pro de Schengen Uitvoeringsovereenkomst deze immuniteit slechts beperkt en restrictief opgeeft. De vordering tot oplegging van een dwangsom strekt verder dan deze beperking. Daarom heeft de Nederlandse rechter geen rechtsmacht en moet het verstekvonnis tegen Spanje worden vernietigd. Een kostenveroordeling tegen Spanje is niet aan de orde.
Uitkomst: Het hof vernietigt het verstekvonnis tegen Spanje wegens immuniteit van jurisdictie en wijst de vordering tot verwijdering van de signalering met dwangsom af.