ECLI:NL:GHAMS:2008:BG9932
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- H.W.J. de Groot
- R.P.P. Hoekstra
- F.M.D. Aardema
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak primair tenlastegelegde en veroordeling voor bezit van circa acht kilo cocaïne
Op 21 januari 2007 werd verdachte op Schiphol aangehouden nadat douaneambtenaren hem observeerden met een bagagelockerbonnetje dat toegang gaf tot een bagagekluis waarin een rugzak met ruim 8 kilogram cocaïne werd aangetroffen. Verdachte ontkende het bonnetje te bezitten, maar het hof verwierp dit verweer op basis van de waarnemingen en het tijdstip van afgifte van het bonnetje.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het subsidiair tenlastegelegde, het opzettelijk voorhanden hebben van cocaïne, heeft begaan. Het primair tenlastegelegde werd niet bewezen verklaard en verdachte werd daarvan vrijgesproken.
De rechtbank had verdachte veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf, welke straf het hof in hoger beroep bevestigde gezien de ernst van het feit, de hoeveelheid cocaïne en de maatschappelijke impact. Verdachte had geen eerdere veroordelingen, maar dat leidde niet tot strafvermindering.
Daarnaast werden diverse inbeslaggenomen goederen en geldbedragen verbeurd verklaard en/of aan het verkeer onttrokken, omdat deze verband hielden met het strafbare feit. De tijd in voorlopige hechtenis werd in mindering gebracht op de opgelegde straf.
Het arrest werd gewezen door de vijfde meervoudige strafkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 24 december 2008.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf voor het opzettelijk voorhanden hebben van circa 8 kilogram cocaïne.