ECLI:NL:GHAMS:2008:BH2908
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- P.H. van Ginkel
- M.A.M. Vaessen
- R.J.J. van Acht
- Rechtspraak.nl
Betwisting betaling meerwerk en opschortingsrecht bij renovatie herenhuis
In deze civiele procedure gaat het om een geschil tussen een onderaannemer en een hoofdaannemer over betaling van facturen voor renovatiewerkzaamheden aan een herenhuis in Nieuwegein. De onderaannemer vordert betaling van een openstaand bedrag van €7.859,03 plus rente en incassokosten. De hoofdaannemer betwist de vordering en voert als verweer dat sprake is van gebreken aan de achterpui en tuinmuur, waardoor zij haar betalingsverplichting heeft opgeschort.
Het hof stelt vast dat noch is gebleken dat de hoofdaannemer de onderaannemer duidelijk heeft gemaakt nakoming te verlangen of dat zij hem heeft gewezen op de vermeende gebreken, zodat herstel mogelijk was. De correspondentie tussen partijen gaat uitsluitend over meerwerkposten en bevat geen aanwijzingen van een gebrek. Hierdoor is het beroep op opschorting niet gerechtvaardigd en leidt dit tot een impasse in de afwikkeling.
Verder oordeelt het hof dat de algemene voorwaarden van de onderaannemer niet toepasselijk zijn omdat deze niet tijdig ter hand zijn gesteld, waardoor contractuele rente en incassokosten niet op die grond kunnen worden gevorderd. Wel wordt wettelijke handelsrente toegekend over de openstaande bedragen vanaf de vervaldagen. Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt de hoofdaannemer tot betaling van de hoofdsom, wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten, alsmede in de proceskosten van beide instanties.
Uitkomst: Het hof veroordeelt geïntimeerde tot betaling van €7.859,03, wettelijke handelsrente en buitengerechtelijke kosten en vernietigt het vonnis van de rechtbank.