ECLI:NL:GHAMS:2008:BH4361
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A. Smeeïng-van Hees
- E.B. Knottnerus
- L.R. van der Weij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schone lei en bekrachtiging verlenging wettelijke schuldsaneringsregeling
Appellante is een vrouw die samen met haar echtgenoot en drie minderjarige kinderen een gezin vormt. De wettelijke schuldsaneringsregeling is definitief op haar van toepassing verklaard door de rechtbank Utrecht in 2005. De bewindvoerder verzocht tussentijdse beëindiging van de regeling wegens het niet nakomen van sollicitatieverplichtingen, wat door de rechtbank werd afgewezen.
De rechtbank verlengde vervolgens de termijn van de schuldsaneringsregeling met twee jaar vanwege de niet-nakoming van de sollicitatieverplichting gedurende ongeveer twee jaar. Appellante kwam hiertegen in hoger beroep en verzocht om vernietiging van dit vonnis, beëindiging van de regeling met schone lei, dan wel een kortere verlenging.
Het hof oordeelde dat ondanks de zorg voor drie jonge kinderen en beperkte taalvaardigheid, de sollicitatieplicht niet werd opgeheven. Het feit dat appellante na het eerdere vonnis haar sollicitatieverplichtingen wel is nagekomen, compenseert niet het eerdere verzuim. De verlenging van de regeling is daarom gerechtvaardigd en het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de wettelijke schuldsaneringsregeling en wijst het verzoek tot schone lei af.