ECLI:NL:GHAMS:2009:BH3125
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M. Coeterier
- N. van Lingen
- E.E. van Tuyll van Serooskerken-Röell
- Rechtspraak.nl
Geen merkinbreuk tussen Cool Jumper en Cool Water merken
In deze zaak stond een merkengeschil centraal tussen Davidoff c.s. en Coscentra over de vraag of de Cool Jumper merken van Coscentra inbreuk maakten op de Cool Water merken van Davidoff. Davidoff c.s. vorderden een verklaring voor recht van merkinbreuk, staking van gebruik, nietigverklaring van merkinschrijvingen van Coscentra en schadevergoeding. Coscentra stelde zich op het standpunt dat zij geen inbreuk maakte en vorderde in reconventie vervallenverklaring van het merk van Davidoff wegens non-usus.
Het hof oordeelde dat de Cool Jumper merken visueel, auditief en begripsmatig onvoldoende overeenstemmen met de Cool Water merken om een verband te leggen dat tot ongerechtvaardigd voordeel of afbreuk aan het merk leidt. Ook was er geen verwarringsgevaar. Het gebruik van het woord 'cool' is algemeen en beschrijvend, terwijl 'jumper' het meest onderscheidende element is. De kleur blauw en de vorm van de flesjes verschillen duidelijk. Tevens werd geoordeeld dat Lancaster als licentienemer van Davidoff bevoegd was om op te treden zonder inschrijving van de licentie.
De vorderingen van Davidoff c.s. werden afgewezen en ook de tegenvordering van Coscentra tot vervallenverklaring wegens non-usus werd niet toegewezen. De kosten van het hoger beroep werden verdeeld tussen partijen. Het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van Davidoff c.s. en de tegenvordering van Coscentra af.