ECLI:NL:GHAMS:2009:BI1276
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.H. van Asperen
- R.C.P. Haentjens
- M. Gonggrijp-van Mourik
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens ontbreken opzet bij doodslag en zware mishandeling
In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de rechtbank Amsterdam vernietigd en verdachte vrijgesproken van de tenlastegelegde feiten van doodslag en zware mishandeling. Het hof concludeerde dat niet wettig en overtuigend is bewezen dat verdachte opzettelijk handelde.
De beoordeling van het hof was gebaseerd op verklaringen van verdachte en getuigen, alsmede op psychologische en psychiatrische rapporten waaruit bleek dat verdachte zich in een paranoïde psychotische toestand bevond en niet in staat was zijn wil vrij te bepalen. Verdachte handelde uit angst en paniek, waarbij hij het broodmes ter verdediging gebruikte zonder inzicht in de gevolgen.
Het hof verwierp het bestaan van voorwaardelijk opzet, omdat verdachte zich niet bewust was van de aanmerkelijke kans op de gevolgen van zijn handelen. De vorderingen van de benadeelde partijen tot schadevergoeding werden niet ontvankelijk verklaard, aangezien verdachte werd vrijgesproken en deze vorderingen bij de burgerlijke rechter moeten worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs van opzet of voorwaardelijk opzet.