ECLI:NL:GHAMS:2009:BI1804
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.P.F. Slijpen
- W.M.G. Visser
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging tarief onroerendezaakbelasting 2006 inclusief korting door Gerechtshof Amsterdam
In deze bestuursrechtelijke zaak staat het tarief van de onroerendezaakbelasting (OZB) voor het jaar 2006 centraal. De belanghebbende betwistte dat de heffingsambtenaar het tarief correct had vastgesteld, met name over de toepassing van een korting op het tarief. De rechtbank had eerder geoordeeld dat de korting integraal onderdeel uitmaakt van het tarief en dat de heffingsambtenaar de tariefstelling onjuist had gemotiveerd, waardoor het bezwaarbesluit werd vernietigd.
Het Gerechtshof Amsterdam heeft het hoger beroep behandeld en bevestigd dat de korting inderdaad integraal onderdeel is van het tariefopbouw van de OZB. Het hof stelde vast dat het netto tarief 2006 inclusief korting lager is dan het maximumtarief zoals vermeld in artikel 220f van de Gemeentewet, waardoor de gelimiteerde tariefstijging van 2% niet van toepassing is.
De rechtbank had de uitspraak op bezwaar vernietigd vanwege een onjuiste motivering, maar de rechtsgevolgen van dat besluit bleven in stand. Het hof bevestigde deze benadering en oordeelde dat de aanslag onroerendezaakbelasting voor 2006 terecht in stand is gelaten. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten.
De uitspraak benadrukt het belang van correcte motivering bij belastingaanslagen en bevestigt de juridische positie van gemeenten bij het toepassen van kortingen binnen de tariefstelling van de OZB. De uitspraak is openbaar en kan binnen zes weken worden aangevochten bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat het tarief inclusief korting lager is dan het maximumtarief en laat de aanslag OZB 2006 in stand.