ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ0738
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.C. Makkink
- A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar
- A. Rutten-Roos
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtmatigheid dwangsombesluit en invordering dwangsommen ligplaatsvergunning woonschip
Appellant, eigenaar van een woonschip in Haarlem, vroeg een ligplaatsvergunning aan. De brandweer stelde dat de lange zijden van het schip brandwerend moesten worden gemaakt. De Gemeente weigerde de vergunning omdat niet aan deze eis was voldaan. Appellant kreeg een last onder dwangsom opgelegd om het schip aan te passen, met een dwangsom van € 2.000 per week bij niet-naleving.
Appellant bracht brandwerende platen aan, maar deze werden door huurders verwijderd. De Gemeente stelde vast dat niet aan de eisen werd voldaan en legde dwangsommen op. Appellant betwistte de bevoegdheid van de Gemeente om dwangsommen op te leggen en voerde overmacht aan wegens het handelen van huurders. Het hof oordeelde dat het dwangsombesluit formele rechtskracht heeft omdat appellant geen rechtsmiddelen had aangewend, dat de Gemeente bevoegd was tot het opleggen van dwangsommen en dat de verwijten omtrent overmacht niet slagen.
Wel werd geoordeeld dat de invorderingskosten die de deurwaarder in rekening bracht niet gerechtvaardigd waren, omdat geen verdere tenuitvoerlegging was gesteld of gebleken. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank voor zover het ging om deze kosten en veroordeelde appellant tot betaling van alleen de explootkosten naast de dwangsommen. Verder werd appellant in de kosten van de procedure veroordeeld.
Uitkomst: Het hof bevestigt de rechtmatigheid van de dwangsommen maar vernietigt het vonnis voor zover het gaat om onterecht opgelegde invorderingskosten.