ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ4543
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M. Wigleven
- H.L.L. Neervoort-Briët
- W.K. van Duren
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bepaalt gewone verblijfplaats minderjarige bij moeder in belang van het kind
Na het verbreken van de relatie tussen de ouders werd in onderling overleg een omgangsregeling getroffen voor hun dochter en haar halfbroer. De vader verkreeg later mede het ouderlijk gezag en de gewone verblijfplaats van de minderjarige werd bij hem bepaald, zonder medeweten van de moeder.
De Raad voor de Kinderbescherming onderzocht de situatie en concludeerde dat de vader zijn eigen belang boven dat van het kind stelde en dat het in het belang van de minderjarige is dat zij en haar halfbroer in één gezin opgroeien. De moeder staat een ruime omgangsregeling toe, wat het hof positief meeneemt.
Het hof vernietigde de eerdere beschikking en bepaalde dat de gewone verblijfplaats van de minderjarige met ingang van het schooljaar 2009-2010 bij de moeder zal zijn. Het hof acht een verhuizing en schoolwissel ingrijpend maar met goede begeleiding uitvoerbaar. Tevens wordt een ruime omgangsregeling met de vader verwacht, passend bij de werktijden van beide ouders.
Uitkomst: De gewone verblijfplaats van de minderjarige wordt bij de moeder vastgesteld met ingang van het schooljaar 2009-2010.