ECLI:NL:GHAMS:2009:BK4405
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- H.L.L. Neervoort-Briët
- M. Wigleven
- W.K. van Duren
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vergoeding en schadebewijzing in hoger beroep tegen bewindvoeringstekortkomingen
In deze civiele procedure stond het hoger beroep centraal tegen een beschikking van de kantonrechter waarin de bewindvoerder werd veroordeeld voor tekortkomingen in haar taak en tot schadevergoeding aan de nalatenschap van de rechthebbende. De bewindvoerder voerde aan dat zij recht had op een reguliere vergoeding conform artikel 1:447 BW Pro en dat het LOK-tarief niet bindend was, terwijl de executeur het hoger beroep van de bewindvoerder wilde verwerpen.
Het hof overwoog dat de bewindvoerder zonder voorafgaande goedkeuring een uurtarief had gehanteerd dat niet conform de wettelijke regels was en dat zij toerekenbaar tekort was geschoten in haar taak. De kosten voor opslag van de inboedel en de vertraging bij belastingaangiften werden als schade aangemerkt en toegewezen aan de boedel. De bewindvoerder kon onvoldoende aantonen dat de gemaakte kosten ten bate van de nalatenschap waren.
Het hof stelde de schade vast op €38.810,26, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 27 november 2008, en veroordeelde de bewindvoerder tot vergoeding aan de boedel. Tevens werd de bewindvoerder veroordeeld in de proceskosten. Verzoeken tot hogere schadevergoeding of kosten werden afgewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Bewindvoerder wordt veroordeeld tot betaling van €38.810,26 schadevergoeding met wettelijke rente aan de boedel.