ECLI:NL:GHAMS:2009:BK4420
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.M.A. Gerritzen-Gunst
- M. Wigleven
- J.G. Gräler
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ondertoezichtstelling kinderen wegens voldoende hulpverlening en veiligheid
De zaak betreft een hoger beroep tegen een beschikking tot ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen van een moeder met PDD-NOS en autisme. De moeder en het gezin ontvingen diverse vormen van hulpverlening, waaronder begeleiding van GGZ en interactietherapie. De Raad voor de Kinderbescherming had de ondertoezichtstelling ingesteld vanwege zorgen over de veiligheid en ontwikkeling van de kinderen.
Tijdens de zitting bleek dat de hulpverlening goed was georganiseerd met een casemanager van GGZ die dagelijks aanwezig is, een stabiele vader die pedagogisch capabel is, en een uitgebreid netwerk van ondersteuning. De moeder heeft vooruitgang geboekt in opvoedingsvaardigheden en therapie. De eerdere opname in de Bascule was niet representatief voor de gezinssituatie vanwege de prikkelrijke omgeving.
Het hof oordeelde dat de bedreiging van de kinderen door het gedrag van de moeder beperkt is tot momenten waarop zij alleen is, maar deze momenten zijn nu zodanig beperkt dat de veiligheid gewaarborgd is. De noodzaak van een coördinator is vervuld door de casemanager van GGZ, waardoor een gezinsvoogd overbodig is. Het hof vernietigt daarom de ondertoezichtstelling en wijst het verzoek van de Raad af, onder de voorwaarde dat de hulpverlening wordt voortgezet.
Uitkomst: Het hof vernietigt de ondertoezichtstelling en wijst het verzoek van de Raad af wegens voldoende hulpverlening en veiligheid.