ECLI:NL:GHAMS:2009:BK8042
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.M.A. Gerritzen-Gunst
- A.L. Diender
- F.A.A. Duynstee
- Rechtspraak.nl
Herziening onderhoudsbijdrage bij toepassing schuldsaneringsregeling en bijzondere omstandigheden
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de man, die onder de wettelijke schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) viel, een onderhoudsbijdrage aan zijn kind moest blijven betalen. De man was gehuwd in gemeenschap van goederen met een vrouw die aanzienlijke schulden had, waardoor de schuldsaneringsregeling ook op hem van toepassing werd verklaard.
De rechtbank had de bijdrage van de man op nihil gesteld vanaf het moment dat de WSNP op hem van toepassing was. De vrouw ging hiertegen in hoger beroep en verzocht de wijziging ongedaan te maken. Het hof overwoog dat bijzondere omstandigheden aanwezig waren, waardoor niet zonder meer kon worden aangenomen dat de man geen draagkracht had.
Het hof berekende de draagkracht van de man als alleenstaande, met een draagkrachtpercentage van 70%, en verdeelde deze over twee kinderen. Hierbij werd rekening gehouden met het netto loon, vakantietoeslag en aftrek van relevante lasten. Op basis hiervan stelde het hof de onderhoudsbijdrage vast op €50 per maand vanaf april 2009, na de geboorte van het tweede kind.
De beslissing houdt rekening met de schuldsaneringsregeling en de verwachting dat de rechter-commissaris het vrij te laten bedrag zal aanpassen. De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en vervangen door deze nieuwe regeling.
Uitkomst: De onderhoudsbijdrage van de man wordt vastgesteld op €50 per maand vanaf 1 april 2009 ondanks de WSNP.