ECLI:NL:GHAMS:2009:BL2807
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.J. Laurentius-Kooter
- B.J. Lenselink
- G. de Groot
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over klachtenplicht en internationale bevoegdheid bij ondeugdelijke gevelplaten
In deze civiele zaak in hoger beroep tussen een Nederlandse BV en de Spaanse producent Prodema S.A. staat de vraag centraal of de appellant tijdig heeft geklaagd over gebrekkige BAQ en BAQ+ gevelplaten en of de Nederlandse rechter internationaal bevoegd is om over de vorderingen te oordelen.
De appellant had klachten ontvangen over delaminatie en verkleuring van gevelplaten die na enkele jaren werden toegepast. Zij stelde dat de platen ondeugdelijk waren en ontbond de koopovereenkomsten, terwijl Prodema betaling van facturen vorderde. De rechtbank wees de klachtenplicht van appellant af, maar het hof oordeelde dat appellant tijdig had geklaagd conform het Weens Koopverdrag en dat zij het recht behoudt om zich op non-conformiteit te beroepen.
Verder werd besproken of de Nederlandse rechter bevoegd is om over de vorderingen in reconventie te oordelen. Het hof stelde vast dat alleen de vordering tot betaling van werkzaamheden op het project Zuiderval in Enschede onder de internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter valt. Het hof liet appellant toe tot bewijslevering over de tekortkomingen en de vermeende vooruitbetaling van facturen en hield de verdere beslissing aan.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat appellant tijdig heeft geklaagd en de Nederlandse rechter bevoegd is voor de vordering tot betaling van werkzaamheden, laat bewijs toe en houdt verdere beslissing aan.