ECLI:NL:GHAMS:2009:BP1384
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- M. Coeterier
- N. van Lingen
- H.F. Doeleman
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep aanbesteding verzuimbegeleiding en arbodienstverlening: uitleg ervaringseis
Achmea kwam in hoger beroep tegen het vonnis van de voorzieningenrechter waarin haar vorderingen werden afgewezen om de Politieregio’s te verplichten haar inschrijving te beoordelen bij een aanbesteding voor verzuimbegeleiding en arbodienstverlening. De kern van het geschil betrof de uitleg van de ervaringseis in het Programma van Eisen (PvE), waarbij Achmea stelde dat de Politieregio’s de eis onjuist en achteraf verzwaard hadden uitgelegd.
De Politieregio’s hadden de inschrijving van Achmea terzijde gelegd omdat de referentie van de Centrale Financiële Instellingen (CFI) niet voldeed aan de eis dat de arbeidsdeskundige in de eerste lijn werkte conform de visie en dat ook de bedrijfsarts de tweede lijn vormde, zoals in hoofdstuk 2 van het PvE was gesteld. Achmea voerde aan dat zij als redelijk geïnformeerde inschrijver mocht vertrouwen op een beperkte uitleg van de ervaringseis, gericht op hoofdstuk 1 van het PvE.
Het hof oordeelde dat de ervaringseis duidelijk en onmiskenbaar ook de eisen uit hoofdstuk 2 van het PvE omvatte, en dat Achmea hieraan had moeten voldoen. De voorzieningenrechter had de juiste toets toegepast door te beoordelen of de uitleg van de Politieregio’s ook redelijkerwijs door een normaal oplettende inschrijver begrepen kon worden. De grieven van Achmea faalden, het vonnis werd bekrachtigd en de subsidiaire vorderingen werden afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst het hoger beroep van Achmea af wegens niet voldoen aan de ervaringseis.