ECLI:NL:GHAMS:2009:BX5711
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.H. van Asperen
- R.C.P. Haentjens
- P.J. Baauw
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep poging tot doodslag met mes verworpen beroep op noodweer en putatief noodweer
Op 9 augustus 2008 stak de verdachte het slachtoffer met een mes in de hals, rechterhand en rechterbovenarm tijdens het Kwakoefestival in Amsterdam. Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte opzet had op de dood van het slachtoffer, mede gelet op getuigenverklaringen en het feit dat de verdachte vooraf riep dat hij het slachtoffer zou doodmaken.
De verdediging voerde noodweer, noodweerexces en putatief noodweer aan, stellende dat de verdachte zich moest verdedigen tegen een ogenblikkelijke, wederrechtelijke aanranding en dat hij dacht dat het slachtoffer een mes had. Het hof verwierp deze verweren omdat er geen sprake was van een noodweersituatie op het moment van het steken, geen mes bij het slachtoffer werd gevonden en getuigen verklaarden dat het steken plaatsvond voordat het gevecht op de grond begon.
De rechtbank had de verdachte veroordeeld tot 48 maanden gevangenisstraf. Het hof bevestigde deze straf, rekende de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het werd gepleegd en de persoon van de verdachte mee. Het mes werd verbeurd verklaard. Tevens werd de verdachte verplicht tot betaling van een schadevergoeding van € 2.113,86 aan het slachtoffer, met een gedeelte van de vordering toegewezen en een ander gedeelte verwezen naar de burgerlijke rechter.
Het hof oordeelde dat de verdachte strafbaar is en dat het bewezenverklaarde feit strafbaar is. De verdachte had geen eerdere strafrechtelijke veroordelingen en toonde geen berouw tijdens de zitting. De opgelegde straf houdt rekening met de ernst van de verwondingen en de impact op het slachtoffer en de openbare orde.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot 48 maanden gevangenisstraf voor poging tot doodslag met verbeurdverklaring van het mes en gedeeltelijke schadevergoeding aan het slachtoffer.