ECLI:NL:GHAMS:2010:2154
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M. Gonggrijp-van Mourik
- H.A. Holthuis
- J.A. Peters
- Rechtspraak.nl
Schorsing vervolging wegens dementie verdachte in hoger beroep strafzaak
In deze strafzaak stond het hoger beroep centraal tegen het vonnis van de politierechter in Amsterdam. Tijdens de procedure bracht de advocaat van de verdachte naar voren dat de verdachte leed aan dementie met fors decorumverlies. Dit werd bevestigd door een brief van 10 augustus 2009.
Op 18 maart 2010 stelde de kantonrechter bewind en mentorschap in over de goederen en niet-vermogensrechtelijke belangen van de verdachte. Gezien deze omstandigheden oordeelde het hof dat de verdachte niet in staat was om deel te nemen aan het strafproces.
Het hof besloot daarom op grond van artikel 16, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering de vervolging voor onbepaalde tijd te schorsen. Dit arrest werd uitgesproken door de negende meervoudige strafkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 21 mei 2010.
Uitkomst: De vervolging van de verdachte wordt op grond van artikel 16 Sv voor onbepaalde tijd geschorst wegens dementie.