ECLI:NL:GHAMS:2010:BL3491
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.J. Driessen-Poortvliet
- A.N. van de Beek
- R.G. Kemmers
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid hoger beroep tegen deelbeschikkingen in afwikkeling partnerschapsvoorwaarden
Partijen waren gehuwd en later geregistreerd partners, met drie kinderen. Na ontbinding van het geregistreerd partnerschap ontstond een geschil over de afwikkeling van de partnerschapsvoorwaarden, waaronder de verdeling van het vermogen en alimentatie.
De man stelde hoger beroep in tegen twee deelbeschikkingen van de rechtbank Haarlem, onder meer gericht op een afwijzing van zijn verzoek tot een voorschot op verrekening en andere tussenbeschikkingen. Het hof oordeelde dat het hoger beroep tegen deze tussenbeschikkingen niet ontvankelijk was, omdat het wettelijke appelverbod op tussenbeschikkingen niet doorbroken was.
De rechtbank had het verzoek tot voorschot afgewezen met een uitdrukkelijk dictum, maar het hoger beroep richtte zich niet tegen deze afwijzing. Het hof benadrukte dat hoger beroep tegen tussenbeschikkingen slechts tegelijk met de eindbeschikking kan worden ingesteld. Het hoger beroep van de man werd daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep van de man tegen de deelbeschikkingen niet-ontvankelijk.