ECLI:NL:GHAMS:2010:BL4968
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Rechtsvermoeden van overdracht auteursrecht bij depot van model niet van toepassing zonder gebruik toestemming
In deze civiele zaak stond centraal of het rechtsvermoeden van overdracht van auteursrecht, zoals neergelegd in artikel 3.28 lid 1 BVIE, van toepassing was op het monitorophangsysteem (MOS) ontwikkeld door Prodesign. Markant stelde zich op het standpunt dat door de toestemming tot depot van het model het auteursrecht automatisch was overgegaan op 3D Tradelink oud, en later op haar.
Het hof bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het rechtsvermoeden niet van toepassing is indien geen gebruik is gemaakt van de toestemming tot depot, zoals in deze zaak het geval was. De overdracht van auteursrecht vindt pas plaats op het moment dat daadwerkelijk gebruik wordt gemaakt van de toestemming tot depot. Daarnaast oordeelde het hof dat er geen sprake was van een overdracht van auteursrecht via de royalty-overeenkomst, maar slechts van een licentie.
Verdere grieven van Markant werden verworpen, waaronder het betoog dat de eerste rechter de Auteurswet 1912 onjuist had toegepast. Ook het verzoek tot verruiming van het verbod op verhandeling van MOS-producten werd afgewezen. Het hof beperkte de proceskosten tot redelijke en evenredige bedragen en veroordeelde Markant in de kosten van het hoger beroep. Het vonnis van de rechtbank Utrecht van 5 november 2008 werd bekrachtigd, behoudens de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het beroep van Markant af, met veroordeling in de proceskosten.