ECLI:NL:GHAMS:2010:BL9049
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.G. Kemmers
- C.G. Kleene-Eijk
- E.A. Maan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewindvoering na psychiatrische opname wegens schizofrenie
In deze zaak stond het hoger beroep centraal tegen de beschikking van de kantonrechter die het verzoek tot opheffing van het bewind over de goederen van [A] had afgewezen. [A] was opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis vanwege een psychotisch toestandsbeeld in het kader van schizofrenie, waarbij sprake was van ernstige achterdocht en gestoorde realiteitstoetsing.
De bewindvoering was ingesteld na een beschikking van de kantonrechter, waarbij [D] was benoemd tot bewindvoerder. [A] had aanvankelijk niet ingestemd met het verzoek tot bewindvoering en was niet voorafgaand aan de beschikking gehoord. Tijdens de behandeling in hoger beroep werd vastgesteld dat [A] inmiddels door de kantonrechter was gehoord en dat zij het verzoek tot opheffing van het bewind had ingediend.
Het hof oordeelde dat het ontbreken van een eerdere hoorzitting niet automatisch tot opheffing van het bewind leidt, mede omdat [A] nog de mogelijkheid had om tegen de beschikking in hoger beroep te gaan. Gezien de diagnose en de financiële situatie van [A], waaronder het ontbreken van inkomen en het bestaan van schulden, achtte het hof de gronden voor het bewind nog steeds aanwezig. Het hoger beroep werd daarom verworpen en de beschikking van de kantonrechter bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek tot opheffing van het bewind over de goederen van [A].