ECLI:NL:GHAMS:2010:BM2714
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.G. Kleene-Eijk
- R.G. Kemmers
- J.E. Doek
- Rechtspraak.nl
Beslissing over vervangende toestemming verhuizing kind naar Finland en contactregeling
Partijen, de moeder en de vader, zijn gescheiden en oefenen gezamenlijk het gezag uit over hun kind, dat bij de moeder woont en regelmatig bij de vader verblijft. De moeder verzocht vervangende toestemming om met het kind naar Finland te verhuizen, wat door de rechtbank werd afgewezen. De moeder ging hiertegen in hoger beroep, terwijl de vader incidenteel hoger beroep instelde.
Het hof weegt het belang van het kind, de moeder en de vader zorgvuldig af. De moeder wil emigreren vanwege persoonlijke en werkgerelateerde redenen, maar het contact tussen het kind en de vader zou door de verhuizing ernstig worden beperkt. De voorgestelde omgangsregeling is praktisch twijfelachtig en belastend voor het kind. Daarnaast is onvoldoende inzicht gegeven in de omstandigheden in Finland, zoals werk, huisvesting en onderwijs.
Het hof concludeert dat het belang van het kind om in een vertrouwde omgeving te blijven en het belang van de vader bij frequent contact zwaarder wegen dan het belang van de moeder bij verhuizing. Daarom wordt het verzoek tot vervangende toestemming afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd. Indien de moeder toch verhuist, wordt de hoofdverblijfplaats van het kind bij de vader vastgesteld met een omgangsregeling die aansluit bij de schoolvakanties.
Uitkomst: Verzoek moeder tot vervangende toestemming verhuizing naar Finland afgewezen; bij verhuizing hoofdverblijfplaats kind bij vader met contactregeling.