ECLI:NL:GHAMS:2010:BM7578
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- D.B. Bijl
- E.M. Vrouwenvelder
- U.E. Tromp
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag BPM wegens kwalificatie ritten trouwvervoer limousine
Belanghebbende exploiteert een limousine die wordt ingezet voor taxi- en trouwvervoer. De inspecteur legde een naheffingsaanslag BPM op wegens onjuiste teruggaaf, omdat meer dan 10% van het gebruik bestond uit trouwvervoer, dat niet onder het taxivervoer valt.
De kern van het geschil betrof de kwalificatie van de heen- en terugritten rondom de trouwerij. Het Hof oordeelde dat de heenrit, vanaf het moment dat de rit start om de eerste deelnemer op te halen, volledig moet worden toegerekend aan trouwvervoer. De terugrit daarentegen kan niet als trouwvervoer worden aangemerkt omdat de auto daarna voor andere doeleinden, zoals taxivervoer, beschikbaar is.
Belanghebbende kon geen beroep doen op het in rechte te beschermen vertrouwen uit de Leidraad BPM, omdat de ritten niet expliciet waren uitgezonderd. Het Hof bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond. De naheffingsaanslag en de boetevermindering bleven in stand.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag BPM en verklaart het beroep van belanghebbende ongegrond.