ECLI:NL:GHAMS:2010:BM9133
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R. Veldhuisen
- R.P.P. Hoekstra
- M.E.A. Wildenburg
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor beschadiging van poststukken door dumpen in kanaal
De verdachte en een mededader, beiden werkzaam bij een postbedrijf, hebben op of omstreeks 13 maart 2008 in Purmerend drie zakken met poststukken, verzwaard met stenen, in een kanaal gegooid. Dit gebeurde omdat de mededader vond dat hij te veel post te bezorgen had en geen zin meer had om deze te bezorgen. De verdachte stelde voor om de post te dumpen, wat ook daadwerkelijk gebeurde.
Het hof oordeelde dat dit een ernstig feit betreft waarbij de belangen van zowel verzenders als geadresseerden zijn geschaad. Hoewel de verdachte het incident als een misplaatste grap bestempelde, achtte het hof dit onvoldoende om de ernst te verminderen. De rechtbank had aanvankelijk een geldboete opgelegd, maar het hof vond dit niet passend gezien de ernst van het feit.
Het hof verklaarde het primair ten laste gelegde bewezen: het opzettelijk en wederrechtelijk beschadigen van poststukken. Andere tenlasteleggingen werden niet bewezen verklaard. Gezien de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het plaatsvond en de eerdere veroordelingen van de verdachte, legde het hof een gevangenisstraf van één week op, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een geldboete van 190 euro.
De gevangenisstraf zal niet worden uitgevoerd tenzij de verdachte binnen de proeftijd opnieuw een strafbaar feit pleegt. Hiermee vernietigde het hof het eerdere vonnis en deed opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van één week en een geldboete van 190 euro wegens het opzettelijk beschadigen van poststukken.