ECLI:NL:GHAMS:2010:BN3433
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verrekening fosfaatsaldo bij veebezetting onder norm Meststoffenwet
Belanghebbende, een maatschap, voerde beroep aan tegen een beschikking van de inspecteur die het fosfaatsaldo over 2005 niet voor verrekening accepteerde vanwege een veebezetting van minder dan 2,5 grootvee-eenheden per hectare (GVE/ha). De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard en het Gerechtshof Amsterdam bevestigt deze uitspraak.
De gedragslijn van de inspecteur in 1998-1999 had het opbouwen van verrekenbare fosfaatsaldi toegestaan, ondanks dat dit in strijd was met de wettelijke bepalingen. Vanaf 2001 werden de wettelijke regels correct toegepast, waarbij alle landbouwgrond moest worden meegerekend voor de berekening van de veebezetting. Belanghebbende kon geen rechtmatig vertrouwen ontlenen aan het eerdere begunstigend beleid, mede omdat in de toelichtingen bij de aangiften duidelijk was vermeld dat alle landbouwgrond moest worden meegenomen.
Belanghebbende stelde dat het doen van verfijnde aangifte impliceerde dat zij voldeed aan de norm van 2,5 GVE/ha, maar het hof oordeelde dat verfijnde aangifte niet was voorbehouden aan bedrijven die aan deze norm voldeden. De conclusie is dat het fosfaatsaldo van 572 kilogram in 2005 niet voor verrekening in aanmerking komt en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het fosfaatsaldo van 572 kilogram over 2005 kan niet worden verrekend vanwege een veebezetting onder 2,5 GVE per hectare.