ECLI:NL:GHAMS:2010:BN7064
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.P.A. Boersma
- B.A. van Brummelen
- D.B. Bijl
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake zelfstandigenaftrek en urencriterium bij ontwikkeling huidcrèmes
Belanghebbende, werkzaam als natuurgeneeskundige, ontwikkelde huidcrèmes en voerde een onderneming op dit gebied. Hij stelde dat hij meer dan 1.225 uren aan zijn onderneming had besteed en daardoor recht had op zelfstandigenaftrek volgens de Wet inkomstenbelasting 2001.
De inspecteur betwistte dit en voerde aan dat de ontwikkeling van de crèmes niet tot de onderneming behoorde en dat de urenverantwoording niet betrouwbaar was. De rechtbank oordeelde dat belanghebbende onvoldoende bewijs had geleverd voor het urencriterium en wees het beroep af.
In hoger beroep bevestigde het Hof dit oordeel. Het Hof vond dat de urenstaten achteraf waren opgesteld en bovendien inconsistent waren, waardoor de betrouwbaarheid ontbrak. Ook was niet aannemelijk dat de aanwezigheid op de praktijk gelijk stond aan gewerkte uren. De stelling dat SenterNovem richtlijnen toestond, was onvoldoende onderbouwd.
Het Hof concludeerde dat belanghebbende niet had aangetoond dat hij het urencriterium had gehaald en bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank dat geen recht op zelfstandigenaftrek bestond. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 9 september 2010.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat belanghebbende niet voldoet aan het urencriterium en geen recht heeft op zelfstandigenaftrek.