ECLI:NL:GHAMS:2010:BN8078
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.J. Driessen-Poortvliet
- R.G. Kemmers
- H.L.L. Neervoort-Briët
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging alimentatiebeschikking na beoordeling woonlasten en samenwoning
Partijen zijn in 1973 gehuwd en hun huwelijk is op 20 mei 2010 ontbonden. De man is werkzaam in loondienst en betaalt maandelijks €700 aan huur en servicekosten. De vrouw ontvangt een alimentatie-uitkering van €1.141 per maand, vastgesteld door de rechtbank.
De man stelt in hoger beroep dat hij niet samenwoont met zijn nieuwe partner en dat daarom zijn woonlasten niet gedeeld kunnen worden, waardoor zijn draagkracht lager zou zijn. De vrouw betwist dit en overlegt bewijsstukken zoals een verhuiskaartje, een foto van de voordeur met een naambordje van beiden en een gezamenlijke bankrekening. Tevens verklaart zij dat de nieuwe partner altijd aanwezig is wanneer hun dochter op bezoek komt.
Het hof oordeelt dat de man, gelet op de gemotiveerde betwisting door de vrouw, niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij niet samenwoont met zijn nieuwe partner. De inschrijving van de partner op het adres is niet doorslaggevend. De grief van de man dat de rechtbank ten onrechte zijn woonlasten heeft gecorrigeerd met €100 per maand, faalt wegens gebrek aan onderbouwing. Het hof bekrachtigt daarom de bestreden beschikking en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de alimentatiebeschikking en wijst het hoger beroep af.