ECLI:NL:GHAMS:2010:BN9410
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.L.G.A. Stille
- M.W.E. Koopmann
- L.J. Saarloos
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen beslissing kamer gerechtsdeurwaarders over kennelijk ongegronde klacht
Appellanten, bestaande uit een besloten vennootschap en een individuele klager, hadden een klacht ingediend tegen meerdere gerechtsdeurwaarders wegens vermeende schending van hun ministerieplicht. De voorzitter van de kamer voor gerechtsdeurwaarders wees de klacht op grond van artikel 39 lid 1 van Pro de Gerechtsdeurwaarderswet als kennelijk ongegrond af. Appellanten stelden vervolgens verzet in tegen deze beslissing, maar de kamer verklaarde dit verzet ongegrond.
Appellanten gingen in hoger beroep tegen de beslissing van de kamer. Het hof overwoog dat artikel 39 lid 4 van Pro de Gerechtsdeurwaarderswet expliciet bepaalt dat tegen de beslissing op het verzet geen rechtsmiddel openstaat. Appellanten voerden aan dat het rechtsmiddelenverbod doorbroken zou moeten worden vanwege schending van fundamentele procesbeginselen en het recht op hoor en wederhoor, omdat zij niet de mogelijkheid hadden gekregen te reageren op het verweerschrift van de gerechtsdeurwaarders.
Het hof oordeelde dat de voorzitter van de kamer bevoegd was om de gerechtsdeurwaarders eerst te laten reageren alvorens een beslissing te nemen, en dat appellanten en de gerechtsdeurwaarders beiden voldoende zijn gehoord. Er was geen sprake van een schending van fundamentele procesbeginselen die het doorbreken van het rechtsmiddelenverbod zou rechtvaardigen. Daarom verklaarde het hof het hoger beroep niet-ontvankelijk.
De procedure werd uitvoerig besproken, waarbij het hof de parlementaire geschiedenis en wetsartikelen betrok om de bevoegdheden van de voorzitter en de procedurele rechten van partijen te verduidelijken. Tevens werd ingegaan op de ministerieplicht van gerechtsdeurwaarders en de grenzen daarvan. De uitspraak werd gedaan door drie raadsheren op 31 augustus 2010.
Uitkomst: Het hof verklaart appellanten niet-ontvankelijk in hun hoger beroep tegen de beslissing van de kamer voor gerechtsdeurwaarders.