ECLI:NL:GHAMS:2010:BN9697
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake wijziging bijdrage kosten verzorging en opvoeding minderjarige
Partijen, de vrouw en de man, zijn betrokken bij een geschil over de bijdrage van de man in de kosten van verzorging en opvoeding van hun minderjarige kind, geboren in 2001. Bij beschikking van 2 maart 2006 was overeengekomen dat de man een maandelijkse bijdrage van €375 zou betalen, geïndexeerd tot €415. De man verzocht bij inleidend verzoekschrift van 8 april 2008 om wijziging van deze bijdrage naar nihil, stellende dat zijn inkomen was gedaald en zijn lasten waren toegenomen.
Het hof oordeelde dat partijen bij het aangaan van de overeenkomst bewust waren afgeweken van de wettelijke maatstaven en dat een wijziging van de overeenkomst alleen mogelijk is bij een ingrijpende wijziging van omstandigheden die redelijkheid en billijkheid daartoe verplichten. De man had onvoldoende onderbouwd dat zijn inkomen daadwerkelijk was gedaald en dat zijn lasten zodanig waren dat deze wijziging gerechtvaardigd was. Ook was geen sprake van bijzondere omstandigheden die schulden boven de onderhoudsverplichting zouden laten prevaleren.
Gelet op de financiële situatie van beide partijen en de gemotiveerde betwisting van de vrouw, concludeerde het hof dat de man niet aannemelijk had gemaakt dat hij niet langer aan de overeenkomst gehouden mocht worden. Het hof vernietigde daarom de bestreden beschikking die de bijdrage op nihil had gesteld en wees het verzoek van de man af.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de man af en laat de bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding ongewijzigd.