ECLI:NL:GHAMS:2010:BO9099
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.A.M. Vaessen
- C.W.P. van Gelder
- M.H.H.A. Moes
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging machtiging uithuisplaatsing van vier minderjarige dochters
De zaak betreft het hoger beroep van de moeder tegen beschikkingen van de kinderrechter die de machtigingen tot uithuisplaatsing van haar vier dochters hebben verlengd. De kinderen zijn sinds eind jaren negentig niet meer bij de moeder woonachtig en kampen met diverse ernstige gedrags- en ontwikkelingsproblemen die gespecialiseerde zorg vereisen.
De moeder verzocht om opheffing van de uithuisplaatsing en thuisplaatsing van haar dochters, terwijl de stichting Bureau Jeugdzorg en de vader de verlenging van de machtigingen steunden. Het hof oordeelde dat de moeder onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zij haar kinderen een veilige en gestructureerde opvoedingssituatie kan bieden, mede gezien haar psychische voorgeschiedenis.
Ten aanzien van de individuele kinderen constateerde het hof dat er materiële gronden zijn voor voortzetting van de uithuisplaatsing, zoals ernstige gedragsproblemen, verstandelijke beperkingen en de noodzaak van behandeling die niet thuis kan worden geboden. Het incidenteel hoger beroep van de vader werd wegens te late indiening niet-ontvankelijk verklaard.
Het hof bekrachtigde de bestreden beschikkingen en wees het verzoek van de moeder tot thuisplaatsing af, waarbij het belang van de kinderen en hun zorgbehoefte centraal stonden.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de machtigingen tot uithuisplaatsing en wijst het verzoek tot thuisplaatsing af.