ECLI:NL:GHAMS:2010:BP0041
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.H.J. de Vries
- J.P.W. Helmonds
- J.M. Bruins
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid OM wegens onzorgvuldige beëindiging taakstraf na incident bij projectplaats
De verdachte had op 10 november 2009 een taakstraf van 30 uur geaccepteerd via het officiersmodel, die op 21 november 2009 zou aanvangen. Na een eerste ongeoorloofde absentie hervatte hij op 6 december 2009 zijn taakstraf. Op die dag vond een incident plaats waarbij een autobus werd vernield. Tijdens een groepsgesprek bekende niemand schuld aan de schade. Alle deelnemers kregen een officiële waarschuwing en werden overgeplaatst.
Omdat de verdachte al eerder een waarschuwing had, werd zijn taakstraf beëindigd en werd hij alsnog gedagvaard voor het incident. Het hof oordeelt echter dat onvoldoende zorgvuldig onderzoek is gedaan naar de individuele betrokkenheid van de verdachte bij de vernieling. Er is geen bewijs dat hij persoonlijk een ernstige misdraging heeft begaan.
Het hof stelt vast dat het openbaar ministerie niet in redelijkheid tot vervolging had kunnen besluiten en dat daarmee beginselen van een behoorlijke procesorde zijn geschonden. Daarom verklaart het hof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in zijn vervolging en vernietigt het het vonnis waarvan beroep.
Uitkomst: Het openbaar ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende bewijs van individuele betrokkenheid bij ernstige misdraging.