ECLI:NL:GHAMS:2011:BP7928
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.C.C. Lewin
- R.H. de Bock
- W.J. Noordhuizen
- Rechtspraak.nl
Vordering tot vernietiging VvE-besluit afgewezen wegens redelijke schadeloosstelling
De zaak betreft een geschil tussen een appartementseigenaar ([appellant]) en de Vereniging van Eigenaars (VvE) over een besluit tot wijziging van de akte van splitsing. De VvE had besloten om een deur naar een appartement op de vierde verdieping te plaatsen in het halletje op de derde verdieping, wat door [appellant] werd bestreden.
Het hof bevestigt dat het besluit van de VvE rechtsgeldig is genomen op grond van artikel 5:139 lid 2 BW Pro, dat een vier vijfde meerderheid toestaat besluiten te nemen die een minderheid kunnen overrulen. Het hof verwerpt het verweer van [appellant] dat dit artikel alleen geldt bij algemeen belang van de VvE en dat het besluit misbruik van recht zou zijn.
Hoewel het hof erkent dat [appellant] schade lijdt door het besluit, zoals verlies van gemeenschappelijke gangruimte en verminderd veiligheidsgevoel, acht het de geboden schadeloosstelling van € 5.000,-- redelijk. De VvE heeft deze vergoeding aangeboden en het hof ziet geen reden tot vernietiging van het besluit.
Het hof bekrachtigt daarmee het vonnis van de rechtbank Amsterdam en veroordeelt [appellant] in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De vordering tot vernietiging van het VvE-besluit wordt afgewezen en het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.