ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ4738
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.G. Kemmers
- C.G. Kleene-Eijk
- L.H.M. Zonnenberg
- Rechtspraak.nl
Wijziging geslachtsnaam minderjarige in adoptieprocedure conform eigen keuze
In deze zaak staat het verzoek tot wijziging van de geslachtsnaam van een kind centraal, dat in het kader van een adoptieprocedure is ingediend. Het kind, geboren in 1992 en erkend door zijn biologische vader, is door adoptie opgenomen in het gezin van de adoptiefvader en de moeder. De adoptie is uitgesproken, maar het verzoek om de geslachtsnaam van het kind te wijzigen in die van de moeder werd door de rechtbank afgewezen.
Appellanten, de adoptiefvader en de moeder, samen met het kind zelf, zijn in hoger beroep gekomen tegen deze afwijzing. Het kind is inmiddels meerderjarig geworden en heeft zich in de procedure laten bijstaan door een advocaat. Tijdens de zitting verschenen de appellanten en het kind, terwijl de biologische vader en de advocaat-generaal niet aanwezig waren.
Het hof oordeelt dat op grond van artikel 1:5 lid 7 BW Pro het kind, dat op het moment van het ontstaan van de familierechtelijke betrekking met de adoptiefvader ouder dan zestien jaar was, zelf een naamskeuze mag maken. Dit vormt een uitzondering op de regel dat de naamskeuze van de ouders voor alle volgende kinderen geldt. Het kind heeft verklaard de naam van de moeder te willen voeren, en daarom wordt de eerdere beschikking vernietigd en wordt bepaald dat het kind de achternaam van de moeder zal dragen.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het hof heeft hiermee het verzoek van het kind gehonoreerd.
Uitkomst: Het hof bepaalt dat het kind de achternaam van de moeder mag voeren en vernietigt het eerdere besluit dat dit afwees.