ECLI:NL:GHAMS:2011:BR1606
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- L. Verheij
- W.J. Noordhuizen
- C.P. Boodt
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen berisping notaris wegens niet tijdig doorgeven biedingen bij executieveiling
De zaak betreft een klacht tegen een notaris die niet tijdig afschriften van binnengekomen biedingen bij een executieveiling aan de cliënt heeft verstrekt, in strijd met artikel 547 lid 3 Wetboek Pro van Rechtsvordering. De notaris had de biedingen ontvangen tussen 20 en 22 april 2008, maar stuurde deze niet door vanwege ziekte van een medewerker en de acceptatie van een onderhandse verkoop door de cliënt.
De aspirant-koper werd door de notaris geïnformeerd over de veiling en de afwijzing van de biedingen, waarna hij zijn bod verlaagde. Klager stelde dat de notaris hiermee haar geheimhoudingsplicht had geschonden en dat hij door het niet ontvangen van de biedingen niet de mogelijkheid had overwogen om de woning via veiling te verkopen.
De kamer van toezicht oordeelde dat de notaris in strijd had gehandeld met artikel 547 lid 3 Rv Pro en legde een berisping op. In hoger beroep stelde het hof vast dat de notaris inderdaad niet tijdig de biedingen had doorgegeven, maar dat de omstandigheden en de gegeven toelichting dit niet rechtvaardigden om een maatregel op te leggen. Het hof vernietigde daarom de berisping en verklaarde het klachtonderdeel gegrond zonder maatregel. De overige klachten werden ongegrond verklaard.
Het hof bevestigde dat de verkoop aan de koper een reguliere verkoop was en geen onderhandse verkoop in de zin van artikel 3:268 lid 2 BW Pro juncto artikel 548 Rv Pro, zodat geen toestemming van de voorzieningenrechter nodig was. De notaris had de cliënt wel telefonisch geïnformeerd over de biedingen en de afwijzing daarvan door de hypotheekhouder.
Uitkomst: Het hof verklaart het klachtonderdeel gegrond maar vernietigt de berisping en legt geen maatregel op.