ECLI:NL:GHAMS:2011:BR4746
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.G. Kemmers
- C.G. Kleene-Eijk
- L.M. Coenraad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging erkenning en vervangende toestemming erkenning minderjarige
In deze civiele familierechtelijke procedure staat de erkenning van een minderjarige centraal. [X] is in hoger beroep gekomen tegen de vernietiging van zijn erkenning van de minderjarige, terwijl [Y] vervangende toestemming tot erkenning heeft gevraagd. De vrouw, moeder van het kind, verzet zich tegen de erkenning door [Y vanwege emotionele schade en stress die het contact met hem bij haar veroorzaakt.
Het hof beoordeelt dat het belang van het kind en de biologische vader bij erkenning zwaarder weegt dan de emotionele bezwaren van de vrouw. De vrouw heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat haar stress en emotionele weerstand leiden tot schade aan het kind of diens ontwikkeling. De bijzonder curator, belast met de belangen van de minderjarige, concludeert dat de erkenning de belangen van het kind niet schaadt.
Het hof vernietigt de erkenning door [X] en bekrachtigt de vervangende toestemming tot erkenning door [Y]. Tevens wordt de juridische werkelijkheid in overeenstemming gebracht met de biologische situatie, wat in het belang is van de minderjarige. De procedure en het oordeel zijn gebaseerd op een zorgvuldige belangenafweging conform artikel 1:204 lid 3 BW Pro.
Uitkomst: De erkenning door [X] wordt vernietigd en de vervangende toestemming tot erkenning door [Y] wordt bekrachtigd.