ECLI:NL:GHAMS:2011:BT5907
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- B.P.J.A.M. van der Pol
- H.W. Koksma
- L.E.M. Hendriks
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens overschrijding termijn
Verdachte was niet aanwezig bij de zitting van 23 november 2009, waar de economische politierechter het vonnis mondeling uitsprak. Verdachte stelde op 16 augustus 2010 hoger beroep in tegen dit vonnis. Op het grievenformulier gaf verdachte aan niet aanwezig te zijn geweest vanwege een ongeluk, maar het hof concludeerde dat verdachte wel degelijk op de hoogte was van de zitting. Volgens de wet moest het hoger beroep binnen veertien dagen na het vonnis worden ingesteld, maar dit gebeurde pas veel later. Daarom verklaarde het hof verdachte niet ontvankelijk in het hoger beroep.
De zaak werd behandeld door de meervoudige kamer van het gerechtshof Amsterdam. De advocaat-generaal had een vordering ingediend die het hof na voorlezing overwoog. De uitspraak vond plaats bij verstek, aangezien verdachte niet aanwezig was bij de terechtzitting van het hof op 22 maart 2011. De niet-ontvankelijkheid betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk is behandeld.
Uitkomst: Verdachte wordt niet ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens overschrijding van de wettelijke termijn.