ECLI:NL:GHAMS:2011:BV3299
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- W.J. Noordhuizen
- R.H. de Bock
- C.C. Meijer
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek tot opheffing faillissement en schuldsaneringsregeling wegens termijnoverschrijding
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van X c.s. tegen de beslissing van de rechtbank Alkmaar die hun verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling niet-ontvankelijk had verklaard. Het faillissement van X c.s. was op 6 juli 2010 uitgesproken op verzoek van een schuldeiser. Het verzoek tot opheffing van het faillissement met gelijktijdige toepassing van de schuldsaneringsregeling werd pas op 20 april 2011 ingediend, ruim na de in artikel 3 lid 1 Fw Pro gestelde termijn van veertien dagen.
X c.s. voerden aan dat zij niet eerder konden voldoen aan de vereisten vanwege gebrek aan juridische hulp en financiële middelen, en dat de door de rechtbank gestelde termijn van een maand te kort was. Het hof oordeelde echter dat deze omstandigheden niet voldoende waren om de termijnoverschrijding te rechtvaardigen. Er was geen sprake van omstandigheden die niet aan X c.s. konden worden toegerekend.
Het hof stelde vast dat de faillissementsprocedure spoed vereist en dat X c.s. niet eerder een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling hadden ingediend zonder geldige reden. Het verzoek tot wijziging van het primaire verzoek werd als tardief beschouwd. Daarom vernietigde het hof het vonnis van de rechtbank en verklaarde X c.s. niet-ontvankelijk in hun verzoek tot opheffing van het faillissement onder gelijktijdige toepassing van de schuldsaneringsregeling.
Uitkomst: Verzoekers worden niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn voor het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.