ECLI:NL:GHAMS:2012:BV8710
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- W.J. Noordhuizen
- C.C. Meijer
- G.C.C. Lewin
- Rechtspraak.nl
Erfgrensgeschil en verkrijgende verjaring dakrand schuur naast perceel
In deze civiele zaak staat een geschil centraal over de erfgrens tussen twee percelen, waarbij een schuur met een uitstekende dakrand een belangrijke rol speelt. De eigenaar van het ene perceel heeft een strook grond verkocht aan de rechtsvoorganger van de andere partij, waarbij de erfgrens volgens de leveringsakte en kadastrale uitmeting loopt tot aan de schuurwand. Het hof bevestigt dat de dakrandstrook niet tot de geleverde grond behoort en dat de verkrijgende verjaring daarop niet slaagt.
Daarnaast is er een conflict over de verwijdering van het uitstekende gedeelte van de schuurdak en de fundering daarvan, waarbij dwangsommen zijn opgelegd en verbeurd. Ook is er een geschil over vermeende schade door afgraving van grond ten behoeve van sanering, maar het hof oordeelt dat onvoldoende bewijs is geleverd voor een causaal verband met verzakking of andere schade.
Het hof wijst de meeste grieven van appellante af, waaronder haar vorderingen tot schadevergoeding en terugbetaling van dwangsommen. Wel wordt de zaak verwezen voor nadere onderbouwing over de status van de dakrandstrook en mogelijke erfdienstbaarheid. Het arrest bevestigt de eerdere vonnissen en benadrukt het belang van de feitelijke afpaling en kadastrale gegevens bij de grensbepaling.
Uitkomst: Het hof wijst de meeste grieven af en bevestigt dat de dakrandstrook niet is verkregen door levering of verkrijgende verjaring.