ECLI:NL:GHAMS:2012:BW9644
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.P. van Achterberg
- E.M. Polak
- E.J.H. Schrage
- Rechtspraak.nl
Beoordeling pauliana bij faillissement zonder wetenschap van benadeling
De curator in het faillissement van [ S ] vorderde vernietiging van een betaling van € 45.000,- aan [ Geïntimeerde ] op grond van de faillissementspauliana (artikelen 42 en 47 Fw). De rechtbank wees de vordering af omdat de curator niet had aangetoond dat op het moment van betaling het faillissement met redelijke waarschijnlijkheid voorzienbaar was.
In hoger beroep stelde de curator dat voor toepassing van artikel 42 Fw Pro voldoende is dat de benadeling aanwezig is op het moment van de beslissing, niet noodzakelijkerwijs bij de betaling zelf. Het hof bevestigde dit, maar oordeelde dat de curator niet had bewezen dat zowel [ S ] als [ Geïntimeerde ] op 30 augustus 2007 het faillissement en het tekort met redelijke waarschijnlijkheid konden voorzien.
Het hof ging ook in op het subsidiaire beroep op artikel 47 Fw Pro en het beroep op onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW Pro), maar wees deze af omdat ook hier geen wetenschap van benadeling was vastgesteld. De curator werd veroordeeld in de proceskosten en het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de curator's vordering tot vernietiging van de betaling afwijst wegens gebrek aan wetenschap van benadeling.