ECLI:NL:GHAMS:2012:BX4795
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.H. de Bock
- W.J. Noordhuizen
- G.C.C. Lewin
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van beëindiging samenwerkingsovereenkomst woningbouw na niet-verlenging
Abacus Vastgoed B.V. en Stichting Novum sloten op 20 februari 2008 een samenwerkingsovereenkomst voor woningbouwontwikkeling op een terrein te Huizen. De overeenkomst bevatte een bepaling dat indien binnen een jaar geen instemming van de gemeente voor het stedenbouwkundig plan werd verkregen, de overeenkomst in overleg verlengd zou worden. Novum stelde zich op het standpunt dat zij de overeenkomst niet wenste te verlengen en bevestigde dit schriftelijk per brief van 2 februari 2009.
Abacus reageerde op 5 februari 2009 met een brief waarin zij onder meer aangaf het niet eens te zijn met eenzijdige termijnen en voorwaarden, maar het hof oordeelde dat deze brief redelijkerwijs kon worden opgevat als instemming met het niet verlengen van de overeenkomst. De rechtbank had eerder geoordeeld dat de brief van Abacus van 5 februari 2009 als instemming met het niet verlengen moest worden gelezen.
Het hof bevestigde dit oordeel en verwierp de grief van Abacus dat de overeenkomst onverkort van kracht zou zijn. Het hof stelde dat de briefwisseling en omstandigheden wezen op beëindiging van de overeenkomst en niet op een voortzetting of wijziging daarvan. Abacus werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest werd uitgesproken op 19 juni 2012 door het Gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de samenwerkingsovereenkomst niet is verlengd en rechtsgeldig is beëindigd.