ECLI:NL:GHAMS:2012:BX9675
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- B.A. van Brummelen
- D.B. Bijl
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitnodiging tot betaling wegens schending verdedigingsbeginsel bij douanerechten
Belanghebbende, een importeur, kreeg een uitnodiging tot betaling (UTB) van douanerechten opgelegd door de inspecteur van de Belastingdienst/Douane Noord. De UTB betrof de classificatie van settopboxen met communicatiefunctie, waarbij de inspecteur een andere goederencode toepaste dan belanghebbende had aangegeven. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank werd de UTB verminderd, waarna hoger beroep volgde bij het Gerechtshof Amsterdam.
Het hof bevestigde dat de inspecteur landelijk bevoegd is en dat de ambtenaar die de UTB ondertekende gemandateerd was. Het hof oordeelde echter dat het beginsel van eerbiediging van de rechten van de verdediging was geschonden, omdat belanghebbende onvoldoende tijd en gelegenheid had gekregen om te reageren op het controlerapport en het voornemen tot navordering. Dit was in strijd met het Europees recht zoals geformuleerd in het Sopropé-arrest van het Hof van Justitie van de EU.
Hoewel procedurele fouten niet automatisch leiden tot vernietiging, stelde het hof vast dat belanghebbende wezenlijk in haar verdedigingsbelangen was geschaad, mede doordat haar opdrachtgever failliet was verklaard en zij daardoor geen aanvullende informatie kon verkrijgen. Het hof vernietigde daarom de UTB en de uitspraak van de rechtbank, veroordeelde de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende en gelastte vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: De uitnodiging tot betaling wordt vernietigd wegens schending van het verdedigingsbeginsel en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.