ECLI:NL:GHAMS:2012:BY1464
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M. Wigleven
- M.M.A. Gerritzen-Gunst
- A.V.T. de Bie
- Rechtspraak.nl
Wijziging partneralimentatie met terugwerkende kracht wegens inkomensdaling en staking onderneming
Partijen zijn in 2006 gehuwd en zijn huwelijk is in 2008 ontbonden. Bij de echtscheidingsbeschikking werd bepaald dat de man een maandelijkse partneralimentatie van €1.033,- aan de vrouw moest betalen. Deze verplichting eindigde van rechtswege op 5 januari 2011.
De man verzocht om wijziging van de alimentatie met terugwerkende kracht vanaf 2009, vanwege een aanzienlijke daling van het resultaat van zijn eenmanszaak en de uiteindelijke staking daarvan. Hij ontving vanaf oktober 2010 een Wwb-uitkering. De vrouw stelde dat het verzoek te laat was en dat de alimentatie oninbaar was, maar het hof oordeelde dat de man voldoende belang had bij het verzoek.
Het hof hield rekening met de daling van het inkomen, de Wwb-uitkering, fiscale voordelen, en gebruikelijke lasten. Het stelde vast dat de man in 2009 slechts draagkracht had voor een maandelijkse bijdrage van €315,- en vanaf 1 januari 2010 tot het einde van de alimentatieplicht geen draagkracht meer had. De reeds betaalde alimentatie hoeft niet te worden terugbetaald.
De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en de alimentatieverplichting van de man werd met terugwerkende kracht aangepast. De vrouw werd niet veroordeeld in de proceskosten vanwege de aard en uitkomst van de zaak.
Uitkomst: De partneralimentatie van de man wordt met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2009 verlaagd tot €315,- per maand en vanaf 1 januari 2010 tot nihil gesteld.