ECLI:NL:GHAMS:2012:BY4116
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.H. van Asperen
- R.C.P. Haentjens
- P.C. Römer
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke invoer van cocaïne van circa 488 gram
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 13 juni 2012 het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de politierechter in Haarlem. De verdachte werd beschuldigd van het opzettelijk binnenbrengen van een hoeveelheid cocaïne in Nederland, circa 488 gram, op 26 december 2011 te Schiphol.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de cocaïne heeft ingevoerd. De hoeveelheid is niet relevant voor de bewezenverklaring maar wel voor de strafoplegging. De verdachte verklaarde dat hij de drugs uit Suriname meenam om een schuld af te lossen en dat hij een beloning van € 3.000,- zou ontvangen. Het hof verwierp het verweer dat sprake zou zijn van bijzondere omstandigheden zoals armoede of overwicht van een organisatie en oordeelde dat de verdachte uit winstbejag handelde.
De politierechter had een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden opgelegd, die het hof bevestigde maar het vonnis vernietigde vanwege een andere bewezenverklaring en strafoplegging. Het hof nam mee dat de hoeveelheid cocaïne bestemd was voor handel en dat de verdachte niet eerder was veroordeeld. De opgelegde straf houdt rekening met de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.
Het hof veroordeelde de verdachte tot vijf maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest en gelastte de teruggave van € 400,- die in beslag was genomen. Het vonnis is uitgesproken door de tiende meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vijf maanden gevangenisstraf wegens opzettelijke invoer van circa 488 gram cocaïne.