ECLI:NL:GHAMS:2012:BZ0744
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- C.G. Kleene-Eijk
- G.J. Driessen-Poortvliet
- A.R. Sturhoofd
- Rechtspraak.nl
Geen afdwingbaarheid overeenkomst overname onderneming en samenlevingsovereenkomst na overlijden erflater
In deze civiele zaak stond centraal of een overeenkomst tot overdracht van een onderneming en een concept samenlevingsovereenkomst tussen [X] en de overleden erflater rechtsgeldig en afdwingbaar waren. [X] vorderde dat [Y], zoon en erfgenaam van erflater, gehouden was tot naleving van deze afspraken. De rechtbank wees deze vorderingen af, en [X] ging in hoger beroep.
Het hof oordeelde dat de overeenkomst van 14 augustus 2009 een schenking ter zake des doods betreft, die vervalt bij overlijden van erflater omdat deze niet tijdens leven is uitgevoerd en niet notarieel is vastgelegd. Daarnaast is geen sprake van een natuurlijke verbintenis die tot afdwingbaarheid zou leiden, mede vanwege de grote onevenredigheid tussen de waarde van de onderneming en de behoefte van [X].
Verder stelde het hof vast dat tussen partijen geen rechtsgeldige samenlevingsovereenkomst tot stand is gekomen, omdat de conceptakte niet ongewijzigd is overeengekomen en er geen bewijs is dat erflater deze wilde bekrachtigen. Ook het concept testament is niet rechtsgeldig omdat het niet notarieel is verleden. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde [X] in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van [X] af wegens het verval van de schenking en het ontbreken van een rechtsgeldige samenlevingsovereenkomst.