ECLI:NL:GHAMS:2012:BZ1029
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.J.G.B. Heutink
- J.A.M. de Wit
- R.H.J. de Vries
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep: voortzetting behandeling minderjarige met schizofrenie zonder plaatsing in jeugdinstelling
In deze strafzaak tegen een minderjarige met schizofrenie heeft het gerechtshof Amsterdam het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 6 februari 2012. De advocaat-generaal vorderde een voorwaardelijke plaatsing van de verdachte in een inrichting voor jeugdigen met een proeftijd van twee jaar.
Het hof heeft de vordering van de advocaat-generaal niet gevolgd. Uit verklaringen van deskundigen, waaronder kinder- en jeugdpsychiaters en een forensisch psycholoog, blijkt dat de verdachte niet gedragsgestoord is zoals de meeste kinderen in jeugdinstellingen, maar lijdt aan schizofrenie. De huidige behandeling en nazorg bieden voldoende waarborgen voor bescherming van de verdachte en de maatschappij.
De deskundigen benadrukken dat de verdachte normaal functioneert bij medicatie-inname en dat er gewerkt wordt aan een stappenplan om terugval te voorkomen. Ook de ouders zijn inmiddels bewust en betrokken bij de medicatie-inname. Het hof acht een gedwongen plaatsing niet in het belang van de verdachte noch van de maatschappij.
Daarom bevestigt het hof het vonnis waarvan beroep en acht voortzetting van de huidige behandeling zonder gedwongen juridisch kader de beste optie. Dit arrest is gewezen door de zevende meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 14 juni 2012.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen af en bevestigt voortzetting van de huidige behandeling zonder gedwongen kader.