ECLI:NL:GHAMS:2012:BZ3889
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.R. Sturhoofd
- A. van Haeringen
- B.F.P. Lhoëst
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep afwijzing wijziging onderhoudsbijdrage na echtscheiding
Partijen zijn in 1976 in gemeenschap van goederen gehuwd en in 2010 gescheiden. De man werd bij voorlopige voorzieningen en echtscheidingsbeschikking verplicht een maandelijkse uitkering aan de vrouw te betalen. In hoger beroep verzocht de man deze uitkering met terugwerkende kracht op nihil te stellen en de latere bijdrage te verlagen, stellende dat hij arbeidsongeschikt is en een (leen)bijstandsuitkering ontvangt.
Het hof oordeelde dat de man onvoldoende inzicht gaf in zijn financiële situatie en zijn arbeidsongeschiktheid onvoldoende onderbouwde. De vrouw ontkende de arbeidsongeschiktheid en stelde dat de man nog werkzaamheden verricht bij zijn voormalige onderneming. Het hof concludeerde dat de man niet aannemelijk had gemaakt dat de onderhoudsbijdrage niet meer aan de wettelijke maatstaven voldoet.
Daarom werd het hoger beroep van de man grotendeels niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek tot wijziging van de onderhoudsbijdrage afgewezen. Tevens werd de man veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. De beschikking van het hof van 12 april 2011 bleef van kracht.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de man tot wijziging van de onderhoudsbijdrage af en veroordeelt hem in de kosten van het hoger beroep.