ECLI:NL:GHAMS:2012:BZ5010
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.H. de Bock
- W.J. Noordhuizen
- C.C. Meijer
- Rechtspraak.nl
Weigering uitkering aan kerkgenootschap wegens onvoldoende bewijs vertegenwoordigingsbevoegdheid
De Synagoge Nidche Israël Jechanes diende meerdere aanvragen in bij Stichting Collectieve Maror-gelden Nederland voor uitkeringen bestemd voor projecten ten behoeve van de Nederlands-Joodse gemeenschap. De Stichting weigerde deze aanvragen omdat de Synagoge geen statuten of reglementen aanleverde waaruit de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de ondertekenaar van de aanvragen kon worden vastgesteld.
De Synagoge stelde dat zij als kerkgenootschap belanghebbende was en dat de Stichting onrechtmatig handelde door de aanvragen niet in behandeling te nemen. Het hof oordeelde dat kerkgenootschappen hun interne organisatie vrij mogen regelen, maar dat de Stichting als private instelling het recht heeft om te eisen dat de aanvrager aantoont dat de ondertekenaar bevoegd is. Dit is niet in strijd met artikel 6 van Pro de Grondwet.
De door de Synagoge overgelegde verklaringen en documenten boden onvoldoende duidelijkheid over de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de ondertekenaar. De Stichting handelde daarom niet onzorgvuldig door de aanvragen af te wijzen. De grieven van de Synagoge werden afgewezen en het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd, met veroordeling van de Synagoge in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst het hoger beroep van de Synagoge af wegens onvoldoende bewijs van vertegenwoordigingsbevoegdheid.