ECLI:NL:GHAMS:2013:1837
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- B.A. van Brummelen
- E.M. Vrouwenvelder
- D.B. Bijl
- Rechtspraak.nl
Bevestiging heffing douanerechten wegens niet-aangegeven gouden sieraden uit Turkije
Belanghebbende is op 14 september 2011 vanuit Turkije op Schiphol aangekomen en heeft bij het verlaten van de aankomsthal het groene kanaal gekozen, waarmee zij verklaarde niets aan te geven te hebben. Bij controle werd een gouden armband ter waarde van € 2.332 aangetroffen. De inspecteur legde een uitnodiging tot betaling (UTB) op voor douanerechten en omzetbelasting.
Belanghebbende voerde aan dat de sieraden onder de douane-unie tussen Turkije en de Europese Unie vielen en derhalve vrij van douanerechten waren. Het hof overweegt dat voor goederen die door reizigers worden meegevoerd en niet voor handelsdoeleinden bestemd zijn, de vrijstelling geldt mits deze correct worden aangegeven en er geen twijfel bestaat over de juistheid van die aangifte. Omdat belanghebbende de sieraden niet heeft aangegeven en geen A.TR.-certificaat kon overleggen, kan zij zich niet beroepen op de douane-unie.
De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard en het hof bevestigt deze uitspraak. De heffing van douanerechten en omzetbelasting is terecht opgelegd omdat de sieraden niet op de voorgeschreven wijze zijn aangegeven en daarmee onregelmatig zijn binnengebracht. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de heffing van douanerechten wordt bevestigd.