Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de man, bijgestaan door zijn advocaat.
Gerechtshof Amsterdam
Partijen zijn in 1983 in Marokko gehuwd en hebben zowel de Nederlandse als Marokkaanse nationaliteit. De man startte in oktober 2011 een echtscheidingsprocedure in Marokko, waarna de rechtbank te Asilah op 18 januari 2012 de echtscheiding uitsprak. De vrouw startte daarna een procedure in Nederland, die door de rechtbank Amsterdam werd afgewezen wegens onbevoegdheid.
De vrouw stelde dat de Marokkaanse echtscheiding niet erkend mocht worden omdat zij niet behoorlijk was opgeroepen en geen inhoudelijk verweer kon voeren, mede door misleiding van het adres. Het hof oordeelde dat de Marokkaanse rechter rechtsmacht had op grond van internationale maatstaven en dat de vrouw tijdig kennis had genomen van de procedure, zodat sprake was van behoorlijke rechtspleging.
Verder oordeelde het hof dat de echtscheiding niet in strijd was met de Nederlandse openbare orde, ondanks verschillen in alimentatie- en gezagsregels tussen Marokko en Nederland. De vrouw kon niet aantonen dat sprake was van misbruik van procesrecht. Het hof bekrachtigde de eerdere beschikking en verklaarde de Nederlandse rechter onbevoegd om kennis te nemen van het verzoek tot echtscheiding en nevenvoorzieningen.
Uitkomst: De Marokkaanse echtscheiding wordt erkend en de Nederlandse rechter is onbevoegd om opnieuw over de echtscheiding te oordelen.