Belanghebbende importeerde digitale microscopen die zij aangaf onder tariefpost 8471. De inspecteur stelde echter dat deze producten onder andere tariefposten, zoals post 8525 (televisiecamera's) of post 9011 (optische microscopen), vielen en legde een navordering (UTB) op. De rechtbank had de UTB verminderd en de inspecteur veroordeeld in proceskosten.
In hoger beroep stelde belanghebbende dat de producten terecht onder post 8471 waren ingedeeld en dat de navordering onterecht was. Het Hof oordeelde dat de digitale microscopen niet onder post 8471 kunnen worden ingedeeld, maar onder post 9011 als optische microscopen. De navordering is niet te hoog vastgesteld, behalve voor de fysiek gecontroleerde aangiften waar een vergissing van de douaneautoriteiten was gemaakt.
Het Hof vond dat de vergissing redelijkerwijs niet door belanghebbende kon worden ontdekt vanwege de complexiteit van de tariefindeling en haar beroepservaring. Daarom blijft navordering achterwege voor de fysiek gecontroleerde aangiften, maar niet voor de overige. Het incidenteel hoger beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard, het hoger beroep gegrond en de uitspraak van de rechtbank vernietigd voor zover het de navordering betreft.