ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ5032
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Borgstelling privé aangesproken na kredietopzegging vennootschappen
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de borgstelling van een echtgenoot privé kon worden aangesproken na opzegging van het krediet van enkele vennootschappen.
De echtgenote van de borg stelde zich op het standpunt dat de borgstelling vernietigbaar was op grond van artikel 1:88 BW Pro, omdat zij de borgstelling niet had medeondertekend. Een eerdere vordering in kort geding om de echtgenote te veroordelen tot vernietiging van de borgstelling werd afgewezen.
Het hof oordeelde dat het ontbreken van medeondertekening door de echtgenote geen gebrek in de totstandkoming van de borgstelling oplevert. Hierdoor kan de borgstelling worden uitgewonnen en is de borg in privé aansprakelijk voor het tekort.
Deze uitspraak bevestigt de rechtsgeldigheid van borgstellingen zonder medeondertekening door de echtgenote, mits voldaan aan de wettelijke vereisten, en benadrukt de beperkte reikwijdte van artikel 1:88 BW Pro in dit kader.
Uitkomst: De borgstelling is rechtsgeldig en kan worden uitgewonnen ondanks het ontbreken van medeondertekening door de echtgenote.